zwaluwen
/plaatshouder taxonomie/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (zangvogels) een familie uit de orde van zangvogels. De familie telt 19 geslachten en 88 soortenZwaluwen doken om mijn oren en voor me uit.
Etymologie
* "zwaluw" met de uitgang -en
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek