Synoniemen van seizoenshelft
mannelijk/vrouwelijk (de)
de helft van de periode in een jaar dat men een bepaalde activiteit verricht
Er zijn geen synoniemen bekend voor seizoenshelft.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek
de helft van de periode in een jaar dat men een bepaalde activiteit verricht
Er zijn geen synoniemen bekend voor seizoenshelft.