Braken
/ˈbrakə(n)/
Wat is de betekenis van Braken?
Braken betekent: (ov) (medisch) het verwijderen van voedsel en/of andere stoffen uit de maag via de mond en soms de neus.
Betekenis
werkwoord
- (ov) (medisch) het verwijderen van voedsel en/of andere stoffen uit de maag via de mond en soms de neus.
- (ov) na het roten kneuzen of breken van vlas- of hennepstengels
- omploegen maar niet inzaaien
- nachtbraken, brassen en slempen
Voorbeelden van "Braken" in een zin
- Zij moest braken van die stinkende geur.
- In een tijdsbestek van twee uur hebben zich negen gasten bij hem gemeld. Allemaal met dezelfde symptomen: braken, diarree en koorts.
Etymologie
* In de betekenis van ‘overgeven’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1546
Vertalingen
Engelsvomit, throw up, break
Fransrendre, vomir, gerber
Duitserbrechen, kotzen, brechen
Spaansvomitar, devolver, lanzar
Italiaansvomitare, gramolare
Poolswymiotować
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek