Eind
onzijdig (het)/ɛint/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- een afstand van beperkte lengteHij liep een eind en keerde dan weer terug.Ik wachtte een paar minuten tot de kust echt veilig was. Toen nam ik een reusachtige sprong en rende een heel eind verder.
- een kort stukjeIk maakte het pakje dicht met een eindje touwHet is nog maar een klein eindje lopen dan zijn we thuis.Niet voor niks ging een creatieve ondernemer als Steve Jobs altijd een eindje lopen om iets te bespreken.
- daar waar iets ophoudt, het uiterste deel van ietsHet eind van het boek was heel spannend.
- het moment dat iets ophoudtHet eind van de film was erg voorspelbaar.
- het laatste deel van ietsIk ben eind juli geboren.
Uitdrukkingen
- Aan het andere eind van de wereld — Erg ver weg (evt. ook in de letterlijke betekenis
- Aan het eind van zijn Latijn zijn — Niet meer weten wat te doen
- Aan het kortste eind trekken — een strijd verliezen
- Aan het langste eind trekken — een strijd winnen
- Eind goed, al goed — Als iets gecompliceerds uiteindelijk goed afloopt, zijn ook alle bijbehorende problemen vergeten
- Het eind zal de last dragen — Gezegd van iets (een klus e.d.) waarvan vooral het laatste deel moeilijk is
- Op het eind van de fuik vangt men de vis — Iets lukt uiteindelijk wel als je maar lang genoeg volhoudt (≈ De aanhouder wint)
Vertalingen
Engelsend, ending
Fransfin
DuitsEnde
Spaansfin, final
Italiaansfine
Portugeesfim
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek