aanhoorder
mannelijk (de)/'anhordər/
Wat is de betekenis van aanhoorder?
aanhoorder betekent: luisteraar, toehoorder, hoorder
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- luisteraar, toehoorder, hoorder
Voorbeelden van "aanhoorder" in een zin
- Maar dan is er altijd een econoom met een glas sherry in de hand die u en uw aanhoorders ondersneeuwt met theorie zus en zo.
- Het is gebruikelijk dat imams het vrijdaggebed afsluiten met de oproep de 'kuffar', de ongelovigen te vernietigen, waarna de aanhoorders 'Amen' zeggen. Het gebruik is al vaak bekritiseerd, ook in Saudi-Arabië zelf. De zinsnede zet aan tot haat en radicalisme, oordelen tegenstanders.
Etymologie
* van aanhoren
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek