aanhorigheid
vrouwelijk (de)/anˈhorəxhɛit/
Wat is de betekenis van aanhorigheid?
aanhorigheid betekent: het tot een groep of partij behoren
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- het tot een groep of partij behoren
Voorbeelden van "aanhorigheid" in een zin
- Zij hadden veel politieke aanhorigheid.
Etymologie
*Afgeleid van aanhorig .
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek