aanminnigheid
vrouwelijk (de)/ˈanmɪnəɣhɛit/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- de hoedanigheid van het aanminnig zijnDe aanminnigheid van het kind werd erg schattig gevonden.
Etymologie
*Afgeleid van aanminnig .
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek
*Afgeleid van aanminnig .