actief
onzijdig (het)/ɑkˈtif/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (economie) uitstaand tegoed
Etymologie
Ook daarna bleef hij tot op hoge leeftijd actief: hij hield lezingen en sprak geregeld op televisie over nog altijd dezelfde thema's: milieuvervuiling, vreemdelingenhaat, hebzucht.
Vertalingen
Engelsactive
Fransactif
Duitsaktiv
Spaansactivo
Italiaansattivo
Turksaktif
Poolsaktywny
Zweedsaktiv
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek