baritonsaxofoon
mannelijk (de)/'baritɔnsɑksofon/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (muziekinstrument) een houtblaasinstrument met een enkelrietDe baritonsaxofoon is op het mondstuk na, van messing gemaakt.
Vertalingen
Engelsbaritone saxophone
Franssaxophone baryton
DuitsBaritonsaxophon
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek