bedelarij

vrouwelijk (de)/bedəla'rɛɪ/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. het om een aalmoes vragen
    Wil je eens ophouden met die bedelarij, want je krijgt toch niets.
    Terwijl ze nadacht gaf ze me een aantal instructies. Negeer alle bordjes die zeggen dat bedelarij en verkoop verboden is.

Etymologie

* van bedelen

Vertalingen

Spaansmendicidad