brander

mannelijk (de)/ˈbrɑndər/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een apparaat dat een bepaalde vorm aan een vlam geeft
    De brander zorgde voor een mooie blauwe vlam.
  2. elektronica (elektronica) een (onderdeel van een) apparaat dat digitale informatie op een cd, dvd of blu-ray kan vastleggen
  3. militair (militair) een schip gevuld met teer en explosieven dat met opzet aangestoken wordt en dan in de richting van een vijandige vloot gestuurd wordt
  4. beroep (beroep) iemand die iets bewerkt door middel van branden

Etymologie

* afgeleid van de werkwoordstam van branden

Vertalingen

DuitsBrenner
Spaansboquilla, mechero, quemador