bruidegom
mannelijk (de)/ˈbrœydəɣɔm/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- man die in het huwelijk treedt, het is de mannelijke vorm van bruid en dat is opmerkelijk want er zijn veel meer vrouwelijke vormen van mannelijke woordenDe traditie wil dat bruidegom en gasten de bruidsjurk pas op het allerlaatste moment zien.
Etymologie
*Oudnl. brudegomo. Voor het eerste lid zie nl. bruid. Het tweede lid is afkomstig van oudsaksisch gumo, gotisch guma (man). Verg. lat. homo (man, mens).
Vertalingen
Engelsbridegroom, groom
DuitsBräutigam
Spaansdesposado, futuro, prometido
Italiaanssposo
Russischжених
Poolspan młody
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek