deemoed
mannelijk (de)/'demut/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- nederige onderworpenheid
Etymologie
* Leenwoord uit het Duits, in de betekenis van ‘onderworpenheid’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1599
Vertalingen
Engelshumility
Spaanshumildad
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek