dorpsgenoot
mannelijk (de)/'dɔrpsxənot/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- bewoner van hetzelfde dorp waar je zelf woontFrantz begint kort na de Eerste Wereldoorlog. In een Duits dorp zien we hoe Anna (Beer) nagefloten worden door enkele dorpsgenoten'Vetgedrukte tekst: zij is in het zwart gekleed, na een bezoek aan het graf van haar verloofde Frantz, de mannen die haar het hof maken zijn verminkt door de oorlog. Ozon laat zijn zwart-witfilm traag op gang komen, de bitterheid en de shock van de oorlog zijn nog duidelijk voelbaar in dit Duitse provinciedorp. NRC Sabeth Snijders 30 november 2016
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek