feces

meervoud/ˈfesɛs/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. medisch (medisch) ontlasting

Etymologie

*, van Latijn "faeces", in de betekenis van ‘uitwerpselen’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1778

Vertalingen

Engelsfaeces
Fransselles, défécation
DuitsStuhl, Fäzes
Spaansdefecación, excrementos