fitheid

vrouwelijk (de)/xxxx/

Wat is de betekenis van fitheid?

fitheid betekent: de lichamelijke en geestelijke conditie van iemand

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. de lichamelijke en geestelijke conditie van iemand

Voorbeelden van "fitheid" in een zin

  • De zieke man moest hard werken aan zijn fitheid om de operatie te kunnen doorstaan.
  • Voor een 31-jarige verdediger was Boulahrouz met een salaris van 118.070 euro per maand niet goedkoop, maar Sporting had alle vertrouwen in zijn fitheid. Boulahrouz wordt “nog steeds regelmatig opgeroepen voor het Nederlands elftal”, juichte de club. NRC 7 december 2016

Veelgestelde vragen over fitheid

Wat is de betekenis van fitheid?

fitheid betekent: de lichamelijke en geestelijke conditie van iemand

Welk woordgeslacht heeft fitheid?

fitheid is een vrouwelijk (de).

Wat zijn synoniemen van fitheid?

Synoniemen van fitheid zijn: conditie, energie, gezondheid, welzijn, gezondheidstoestand.

Hoe gebruik je fitheid in een zin?

Voorbeeld: “De zieke man moest hard werken aan zijn fitheid om de operatie te kunnen doorstaan.

Etymologie

*afleiding van fit