flik

mannelijk (de)/flɪk/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. informeel, beroep (informeel), (beroep) persoon die belast is met hulpverlening en met de handhaving van de openbare orde en veiligheid
    De flikken zijn waakzaam.
zelfstandig naamwoord
  1. voeding (voeding) koekje in de vorm van een plat, van boven afgerond schijfje chocola, oorspronkelijk alleen besuikerd
    Een chocolade flik.

Etymologie

*[B] terugvorming van het (eponiem) "flikje"