foolproof
ˈfuːlpruːf
Wat is de betekenis van foolproof?
foolproof betekent: bestand tegen ondeskundig, dom of foutief gebruik
Betekenis
bijvoeglijk naamwoord
- bestand tegen ondeskundig, dom of foutief gebruik
Etymologie
Leenwoord uit het Engels, in de betekenis van ‘beschermd tegen onoordeelkundige behandeling’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1946
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek