gissing

vrouwelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. gedachte waarvoor men onvoldoende gegevens heeft om de juistheid of onjuistheid ervan te kunnen vaststellen
    Met zo weinig om zeker over te zijn moeten wetenschappers dikwijls hun veronderstellingen baseren op andere objecten die in de omgeving gevonden zijn, en daarbij gaat het misschien om niet meer dan heldhaftige gissingen.Bill Bryson Een kleine geschiedenis van bijna alles Vertaald door Servaas Goddijn 2009 pagina 560

Etymologie

* van gissen

Vertalingen

Engelsguess, conjecture, guesswork
Spaansacertijo