groepsindeling
vrouwelijk (de)/ˈɣrupsɪndelɪŋ/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- indeling in groepen; de keer dat men in een groep wordt ingedeeld
- de indeling van deelnemers van een toernooi in verschillende groepen die onderling wedstrijden spelen
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek