woorden
boek
Start
›
G
›
groepsvakantie
groepsvakantie
vrouwelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
een vakantie die men viert met een aantal andere mensen die geen familieleden of vrienden zijn
Verwante woorden
Groede
groef
groefbeitel
groefde
groefden
groefjes
groefschaaf
groefschaven
groeft
groefverbinding
groei
groei-economie
Bron:
OpenTaal
&
WikiWoordenboek
📖 Synoniemen van groepsvakantie
← groepsuitstap
groepsverband →
Meer woorden met G
Gambiaanse
gedragsveranderende
gezinsverzorgsters
gezondheidsbelangen
grensmuur
grote belt
gunstigst
ganzen
garven
gatten