haarwortel

mannelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. het begin van een haar in de huid
    De zon, die recht op het balkon scheen waar we zaten, had nog zo'n kracht dat het zweet langs mijn voorhoofd liep, helemaal vanuit mijn haarwortels, hoewel het allang avond was, en het licht was zo scherp dat ik overwoog om naar binnen te gaan en mijn zonnebril te halen. Karl Ove Knausgard Vrouw {{ISBN|978-90-445-3227-2
  2. de dunste wortels van een plant
    Bosch bereidde de verhuizing van de sequoia - „qua uitstraling een soort oerboom” - anderhalf jaar voor. „We hebben eerst de wortels rondom doorgestoken, zodat we een oppervlakkige groei met veel fijne haarwortels konden veroorzaken. Daardoor zou hij zich na de verhuizing beter in nieuwe grond kunnen hechten.”NRC Kester Freriks 2 maart 2017

Vertalingen

Engelshair root