halsgevel
mannelijk (de)
Wat is de betekenis van halsgevel?
halsgevel betekent: een bakstenen gevel van een smal huis (drie, soms twee, ramen breed) met twee hoeken van 90° aan de top die opgevuld zijn met zandstenen ornamenten, zogenaamde klauwstukken
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- een bakstenen gevel van een smal huis (drie, soms twee, ramen breed) met twee hoeken van 90° aan de top die opgevuld zijn met zandstenen ornamenten, zogenaamde klauwstukken
Voorbeelden van "halsgevel" in een zin
- Toen de spelersboot voorbij was, en de voetballers alweer neerhurkten voor de volgende brugboog, bleven we nog even naar de halsgevel van ons vroegere huis staan kijken.
- Het huis –met karakteristieke halsgevel– stamt uit circa 1640 en is volgens Exalto bezit geweest van baljuws, schouten en burgemeesters. „De eerst bekende bewoner was Johan van Lodensteijn. Of-ie familie was van Jodocus heb ik helaas niet kunnen achterhalen.”
Vertalingen
Engelsneck-gable
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek