hoorde
/ˈhɔːrdə/
Wat is de betekenis van hoorde?
hoorde betekent: enkelvoud verleden tijd van horen
Betekenis
werkwoord
- enkelvoud verleden tijd van horen
Voorbeelden van "hoorde" in een zin
- Ik hoorde.
- Jij hoorde.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek
hoorde betekent: enkelvoud verleden tijd van horen