huiseigenaar
mannelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- iemand die een huis bezit, ongeacht of hij/zij het ook bewoontDe huiseigenaren van deze wijk besloten de koppen bij elkaar te steken.
Vertalingen
DuitsHauseigentümer, Hausbesitzer
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek