knoken

/ˈknokə(n)/

Wat is de betekenis van knoken?

knoken betekent: (verouderd) handen

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. verouderd (verouderd) handen
  2. verouderd (verouderd) het lichaam

Voorbeelden van "knoken" in een zin

  • Val niet in zijn knoken; hij zal je bedriegen!
  • Hij voelde de spanning in zijn knoken.