kracht
Wat is de betekenis van kracht?
kracht betekent: (natuurkunde) uitwendige oorzaak die de bewegingstoestand van een lichaam verandert (voor zover er geen andere oorzaak is die dat tegengaat)
Betekenis
- (natuurkunde) uitwendige oorzaak die de bewegingstoestand van een lichaam verandert (voor zover er geen andere oorzaak is die dat tegengaat)
- geestelijk, zedelijk en fysiek vermogen, zie levenskracht, geestkracht, veerkracht, lichaamskracht
- omvang van het vermogen om veranderingen te veroorzaken
- factor die invloed uitoefent
- iemand die werkzaamheden verricht
Voorbeelden van "kracht" in een zin
- Volgens Newton is F gelijk aan het product m·a, waarbij F de kracht voorstelt, m de traagheid van het lichaam en a de versnelling van de beweging ervan.
- Was hun koning, Willem de Veroveraar, niet tijdens een geweldige storm, dankzij de heilige Nicolaas, veilig van Normandië naar Engeland gevaren? Want Nicolaas was in staat de wind en de onstuimige kracht der golven te doen bedaren!
- Ik vertelde hem eerlijk dat ik geen kracht meer had om de pas over te steken en dat ik het erg fijn zou vinden om het de volgende ochtend samen met hem te doen.
- In die tijd zwommen we voornamelijk op kracht, dus je werd automatisch sneller naarmate je groeide.
- de kracht van dit instrument om de economie bij te sturen is dus groot
Betekenis en uitleg van kracht
Kracht is de energie of invloed die iemand of iets heeft om iets te doen, te veranderen of te bereiken. Het kan zowel fysiek als mentaal zijn, en het verwijst naar de mogelijkheden en potentieel die in een persoon of object schuilgaan.
Je gebruikt het woord 'kracht' in verschillende contexten, bijvoorbeeld als je spreekt over de fysieke kracht van een atleet of de innerlijke kracht van iemand die moeilijke tijden doorstaat. Het kan ook verwijzen naar de impact of invloed die iemand heeft in sociale of professionele omgevingen. Kracht heeft vaak een positieve connotatie, maar kan ook worden gebruikt om destructieve of negatieve invloeden aan te duiden.
Voorbeelden
- De kracht van de natuur is indrukwekkend, vooral tijdens een storm.
- Zij vond de innerlijke kracht om haar angsten onder ogen te zien en verder te gaan.
- Met zijn indrukwekkende kracht won hij de wedstrijd met gemak.
Woordoorsprong
Het woord 'kracht' stamt af van het Oudnederlands 'kracht', wat 'kracht, vermogen' betekent, en is verwant aan het Engelse 'strength'.
Veelgestelde vragen over kracht
Wat is de betekenis van kracht?
kracht betekent: (natuurkunde) uitwendige oorzaak die de bewegingstoestand van een lichaam verandert (voor zover er geen andere oorzaak is die dat tegengaat)
Hoeveel betekenissen heeft kracht?
kracht heeft 5 verschillende betekenissen in het Nederlands. Zie hierboven voor alle definities.
Welk woordgeslacht heeft kracht?
kracht is een mannelijk/vrouwelijk (de).
Wat zijn synoniemen van kracht?
Synoniemen van kracht zijn: sterkte, werking, werkzaamheid, macht, vermogen.
Hoe gebruik je kracht in een zin?
Voorbeeld: “Volgens Newton is F gelijk aan het product m·a, waarbij F de kracht voorstelt, m de traagheid van het lichaam en a de versnelling van de beweging ervan.”
Etymologie
*(erfwoord): Middelnederlands "cracht", uit Oudnederlands "kraft" ‘vermogen, sterkte’, ontwikkeld uit Oergermaans *krafti- ‘kracht; kennis’; verdere herkomst onbekend. Evenals Nederduits Kraft, Kracht, Duits Kraft, Fries krêft en Engels craft ‘vaardigheid’.
Uitdrukkingen
- op eigen kracht — geheel zelfstandig zonder hulp van anderen