leegloper
mannelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- een nutteloos, waardeloos persoon
- voorwerp waar samengeperste lucht uit weg lekt, of een persoon die de samengeperste lucht laat weglopenEven leek het erop dat de zoon van oud-topsprinter Jean-Paul van Poppel geen rol van betekenis zou kunnen spelen in de spurt. De 22-jarige renner moest op twaalf kilometer van de meet van wiel wisselen, vanwege een zogenoemde leegloper.Tubantia 03-09-2015Manusje van alles Jim McNally, de zelfverklaarde „leegloper”, zorgde ervoor dat de ballen aan de eisen van Brady zouden voldoen. Dat wil zeggen: zacht. Of misschien te zacht. NRC Menno de Galan 8 mei 2015
Etymologie
* van leeglopen
Vertalingen
Engelsidler
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek