lering

vrouwelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. les, onderwijzing
    Het schoolreisje is er voor de lering en het vermaak.
  2. berisping
    'Laat dit een goede lering voor je zijn', zei de vader tegen zijn zoon die een ruit had ingetrapt met voetballen.

Etymologie

* van leren

Vertalingen

Spaansaprendizaje