leukheid

vrouwelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. de mate waarin iets of iemand prettig, grappig, of aangenaam is
    Echt, kinderverjaardagen bezoeken staat op mijn lijstje ‘dingen die je kunt doen in het leven, gerangschikt naar leukheid’ net boven ‘mijn haar knippen met de staafmixer terwijl ik luister naar Trijntje Oosterhuis die het hele repertoire van Gordon zingt’, maar nog onder ‘de bijkeuken dweilen als de kat gekotst heeft’. De Telegraaf RIANNE KLAZINGA 17 dec. 2014 [https://www.telegraaf.nl/vrouw/873928/de-horror-die-kinderverjaardag-heet De horror die kinderverjaardag heet]
  2. iets dat prettig, grappig of aangenaam is
    Het quizonderdeel wil ze graag uitbreiden. ,,Volgend seizoen wil ik daar een iets meer uitgeklede versie van, waarin de mensen meer aan bod komen, dat er meer ontstaat. De gasten die ik had waren zo leuk, dat is zonde van mensen hun leukheid", aldus Wallis de Vries. Tubantia 23-06-18 [https://www.tubantia.nl/show/zaterdagavondshow-sanne-wallis-de-vries-krijgt-tweede-seizoen~acb2c146/ Zaterdagavondshow Sanne Wallis de Vries krijgt tweede seizoen]

Etymologie

* afleiding van leuk

Vertalingen

Engelspun, fun