lichtkrans

mannelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een rand van licht
    Terwijl hij luisterde naar het gefluister en voelde hoe het gebouw van naalden zich rekte en omhoogging, zag vorst Andrej bij vlagen de rode lichtkrans van de kaars en hoorde hij het geritsel van de kakkerlakken en het gezoem van de vliegen die tegen zijn hoofdkussen en zijn gezicht aan vlogen.
    Vanaf de Faeröer eilanden is morgen de ´corona´ te zien; de lichtkrans die ontstaat doordat de zon en maan precies op één lijn staan.

Vertalingen

Engelsaureole, nimbus, aura