nuf
vrouwelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- een verwaand en overdreven net meisje of jonge vrouwHet nufje met de gelakte nageltjes en het hoge stemmetje deed alsof ze een prinsesje was.
Etymologie
* Leenwoord uit het Nederduits, in de betekenis van ‘ingebeeld meisje’ voor het eerst aangetroffen in 1599
Vertalingen
Engelsprude
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek