onversaagdheid
vrouwelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- moedig doorzettingsvermogenJe had ze allen zo gevangen kunnen nemen! Maar wat wil je dat ik zeg? Moed en macht hangen niet van rijkdom en bezit af, maar wel van onversaagdheid en inzicht.De ridder die dus wijsheid aan onversaagdheid paart, is een voorbeeld van ridderlijkheid, en hem komt dan ook alle eer toe; zijn onverschrokken levenswandel geeft hem het recht een troon te bestijgen.
Etymologie
*afleiding van onversaagd
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek