openingsmatch
mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈopənɪŋsˌmɛtʃ/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- wedstrijd die als begin van een toernooi of competitie wordt beschouwd en die daarom vaak met extra ceremonieel is omgevenIk heb voor de aardigheid eens gezocht naar de mate waarin bijvoorbeeld bij het wereldkampioenschap van 1970 in Mexico met gele en rode kaarten is gewapperd. (…) Ook verliep lang niet alles gladjes in Mexico. Zo was de openingsmatch tussen Mexico en de Sovjet-Unie een tamelijk rauw partijtje waarin vier Russen en een Mexicaan tegen geel opliepen.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek