ouwe-jongens-krentenbrood

onzijdig (het)/ˌɑuwəˌjɔŋənsˈkrɛntə(n)ˌbrot/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. gemoedelijke sfeer zoals goede bekenden die met elkaar in stand houdenOok vaak als eerste deel van samenstellingen.
    Dit is het kabinet van ouwe-jongens-krentenbrood, dat is de algemene sfeer van de inzendingen.
    Het was veel ouwe-jongens-krentenbrood onder de spelers van het volleybalteam dat zestien jaar geleden bij de Olympische Spelen van Atlanta de gouden medaille won.
    Met zijn vijven op toneel overheerst het ouwe-jongens-krentenbrood, met elkaar, én met het publiek dat vanaf het eerste moment bij het verhaal betrokken wordt.
  2. pejoratief (pejoratief) sfeer van onderlinge bevoordeling ten nadele van anderen
    Wie het indrukwekkende groepsportret leest dat Gerard van Westerloo schetst van de bestuurders van tramlijn 16 in Amsterdam, wordt getroffen door hun diepgevoelde wens om hun intieme gemeenschap te verdedigen tegen buitenstaanders, of ze nu uit Suriname komen of van het ‘hoofdkantoor’ van het gvb (Van Westerloo 2003). In de ogen van Sennett is dat gevoel van ouwe-jongens-krentenbrood in de publieke ruimte een verkeerde broederschap omdat het buitenstaanders uitsluit.

Etymologie

* (samenkoppeling) van ouwe, jongens en krentenbrood