passte
ˈpastə
Wat is de betekenis van passte?
passte betekent: enkelvoud verleden tijd van passen
Betekenis
werkwoord
- enkelvoud verleden tijd van passen
Voorbeelden van "passte" in een zin
- Ik passte.
- Jij passte.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek
passte betekent: enkelvoud verleden tijd van passen