patriarch
Wat is de betekenis van patriarch?
patriarch betekent: kerkelijk leider, een belangrijke bisschop
Betekenis
- kerkelijk leider, een belangrijke bisschop
- de leider van een van de oosterse christelijke kerken
- een van de aartsvaders uit het Oude Testament (Abraham, Isaak, Jacob)
- mannelijk hoofd van de familie
- wijze oude man in het algemeen
Voorbeelden van "patriarch" in een zin
- Het nieuws via National Geographic komt op een ongelukkig moment. Het verzakkinggevaar is al langer een reden van zorg voor de drie kerken die de plek beheren. Onenigheid en een gebrek aan financiële middelen hielden een grondige renovatie lange tijd tegen. De Israëlische autoriteiten sloten de graftombe al eens kort in 2015 om veiligheidsredenen, maar in maart 2016 wisten de de oecumenisch patriarch van Constantinopel Bartholomaios I, de Grieks-orthodoxe patriarch Theophilos III en de franciscaanse custos Francesco Patton toch een overeenkomst te sluiten die het herstel moest inleiden. Tubantia Kees Graafland 22-03-2017
- De zondagmis van de Syrisch-orthodoxe patriach Ignatius Aphrem II werd zondag in het Twentse centrum van de geloofsgemeenschap in het klooster St. Ephrem de Syriër in Glane door meer dan 4000 mensen bezocht. Tubantia 01-03-2015
- Maar ondanks zijn homo-erotische aanleg hield de Tovenaar wel degelijk van zijn vrouw. En een liefdeloze patriarch kun je hem onmogelijk noemen - zie de zorgzame brieven aan z'n kinderen. In 1946 typeerde zoon Golo hem als 'mijn in vele opzichten lieve, maar in andere weer zeer vervelende vader'. Zoals alle vaders, zou ik bijna zeggen. Volkskrant 15 juli 2017
Betekenis en uitleg van patriarch
Een patriarch is een man die als hoofd van een gezin of een sociale groep fungeert, vaak met aanzienlijke autoriteit en invloed. Het woord roept vaak beelden op van traditionele rollen waarbij de man de belangrijkste beslissingen neemt en verantwoordelijkheden draagt.
Je kunt het woord 'patriarch' gebruiken in situaties waarin je het hebt over familiedynamiek, culturele structuren of zelfs religieuze gemeenschappen. Het heeft vaak een historische of culturele lading, waarbij de patriarch wordt gezien als de bewaker van tradities en waarden. Het kan ook een kritische ondertoon hebben wanneer gesproken wordt over machtsstructuren die ongelijkheid bevorderen.
Voorbeelden
- In veel oude samenlevingen was de patriarch verantwoordelijk voor het welzijn van zijn gezin en de handhaving van de familietradities.
- De patriarch van de clan nam alle belangrijke beslissingen, wat soms leidde tot conflicten met de jongere generatie die meer vrijheid wenste.
- Tijdens het familiediner vertelde de patriarch trots verhalen over zijn voorouders en de waarden die de familie samenbinden.
Woordoorsprong
Het woord 'patriarch' komt uit het Grieks, waar 'pater' 'vader' betekent en 'archon' 'heerser' of 'leider'. Het verwijst dus letterlijk naar de vaderlijke heerser.
Veelgestelde vragen over patriarch
Wat is de betekenis van patriarch?
patriarch betekent: kerkelijk leider, een belangrijke bisschop
Hoeveel betekenissen heeft patriarch?
patriarch heeft 5 verschillende betekenissen in het Nederlands. Zie hierboven voor alle definities.
Welk woordgeslacht heeft patriarch?
patriarch is een mannelijk (de).
Wat zijn synoniemen van patriarch?
Synoniemen van patriarch zijn: aartsbisschop, bisschop, hogepriester, metropoliet, aartsvader.
Hoe gebruik je patriarch in een zin?
Voorbeeld: “Het nieuws via National Geographic komt op een ongelukkig moment. Het verzakkinggevaar is al langer een reden van zorg voor de drie kerken die de plek beheren. Onenigheid en een gebrek aan financiële middelen hielden een grondige renovatie lange tijd tegen. De Israëlische autoriteiten sloten de graftombe al eens kort in 2015 om veiligheidsredenen, maar in maart 2016 wisten de de oecumenisch patriarch van Constantinopel Bartholomaios I, de Grieks-orthodoxe patriarch Theophilos III en de franciscaanse custos Francesco Patton toch een overeenkomst te sluiten die het herstel moest inleiden. Tubantia Kees Graafland 22-03-2017”
Etymologie
*afgeleid van het Latijnse pătĕr (vader)