pikken

/ˈpɪkə(n)/

Wat is de betekenis van pikken?

pikken betekent: (ov) iets wegnemen van iemand en het zich wederrechtelijk toe-eigenen

Betekenis

werkwoord
  1. ov (ov) iets wegnemen van iemand en het zich wederrechtelijk toe-eigenen
  2. ov (ov) iets nemen, ontnemen
  3. ov, informeel (ov), (informeel) dulden, accepteren
  4. ov, dierkunde (ov), (dierkunde) (met de snavel) prikken

Voorbeelden van "pikken" in een zin

  • Ze hebben mijn portemonnee gepikt.
  • In rond de negentig procent van alle gevallen pikt de software de juiste boodschap uit een 'boe'.
  • Ik pik het niet dat je tegen me scheldt.
  • De vogel pikte het graan van de grond.

Etymologie

* In de betekenis van ‘stelen’ voor het eerst aangetroffen in 1287

Uitdrukkingen

  • De pik op iemand hebbenBij een kans het niet nalaten iemand steeds te pesten

Vertalingen

Engelspilfer, peck
Fransvoler, picorer
Duitsklauen, nehmen, entnehmen
Spaansbirlar, picar