scheelde

Wat is de betekenis van scheelde?

scheelde betekent: enkelvoud verleden tijd van schelen

Betekenis

werkwoord
  1. enkelvoud verleden tijd van schelen

Voorbeelden van "scheelde" in een zin

  • Ik scheelde.
  • Jij scheelde.

Betekenis en uitleg van scheelde

Het woord 'scheelde' komt van het werkwoord 'schelen' en verwijst naar een situatie waarin iets niet veel verschilt of niet veel afwijkt. Het wordt vaak gebruikt om aan te geven dat er een klein verschil is tussen twee dingen of dat iets net niet helemaal klopt.

'Scheelde' wordt vaak gebruikt in gesprekken om aan te geven dat iets bijna zo was, maar net niet. Je kunt het gebruiken in situaties waarin je het hebt over een kleine afwijking of een gemiste kans. Het heeft een informele toon en kan zowel positief als negatief worden gebruikt, afhankelijk van de context.

Voorbeelden

  • Het scheelde maar een haar of ik had de bus gemist.
  • Ze zei dat het scheelde dat hij niet kon komen, omdat de presentatie toch al goed ging.
  • Het scheelde niet veel of we hadden de wedstrijd gewonnen.

Woordoorsprong

Het woord 'schelen' komt waarschijnlijk van het Oudnederlands en heeft verwanten in andere Germaanse talen, waar het ook een vergelijkbare betekenis heeft van verschillen of afwijken.

Veelgestelde vragen over scheelde

Wat is de betekenis van scheelde?

scheelde betekent: enkelvoud verleden tijd van schelen

Hoe gebruik je scheelde in een zin?

Voorbeeld: “Ik scheelde.