scheen

mannelijk/vrouwelijk (de)/xxxx/

Wat is de betekenis van scheen?

scheen betekent: (anatomie) voorkant van het onderbeen van de mens tussen de knie en de enkel

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. anatomie (anatomie) voorkant van het onderbeen van de mens tussen de knie en de enkel

Betekenis en uitleg van scheen

Het woord 'scheen' verwijst naar het gedeelte van het been tussen de knie en de enkel. Het is een deel dat vaak zichtbaar is en kan zowel in de anatomie als in de sportieve context worden benoemd, bijvoorbeeld bij blessures.

Je gebruikt 'scheen' vaak wanneer je het hebt over blessures, zoals een scheenbeenblessure, die veel voorkomt bij sporters. Ook in de dagelijkse omgang kan het woord opduiken, bijvoorbeeld als je iemand vraagt om op te letten voor een stoot tegen de scheen. Het woord heeft een neutrale tot negatieve connotatie, vooral wanneer het gaat om pijn of ongemak.

Voorbeelden

  • Tijdens de voetbalwedstrijd kreeg hij een harde tackle op zijn scheen.
  • Zij droeg een lange rok die haar scheen bedekte, waardoor het er elegant uitzag.
  • Na de training voelde hij een vervelende pijn in zijn scheen, waardoor hij een afspraak met de fysio maakte.

Veelgestelde vragen over scheen

Wat is de betekenis van scheen?

scheen betekent: (anatomie) voorkant van het onderbeen van de mens tussen de knie en de enkel

Welk woordgeslacht heeft scheen?

scheen is een mannelijk/vrouwelijk (de).

Etymologie

* In de betekenis van ‘voorzijde van onderbeen’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1080

Uitdrukkingen

  • Iemand het vuur na aan de schenen leggen.
  • Iemand tegen de schenen schoppen.

Vertalingen

Engelsshin
Franstibia
DuitsSchiene
Spaansespinilla
Italiaansstinco
Russischголень
Turksincik
Zweedsskenben, smalben