schenktuit

mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈsxɛŋktœyt/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. spits toelopende uitstulping bovenaan een vat met vloeistof, bedoeld om de inhoud ervan uit te gieten
    Engelsen laten het deksel op de koker en houden de schenktuit onder de kraan.