spannen
/ˈspɑnə(n)/
Betekenis
werkwoord
- (ov) onder trekkracht brengenHij spande een paar waslijnen tussen zijn tentstokken.
- (ov) het werkwoord behoorde tot klasse 7 en de verleden tijd was spien{{ouds
Etymologie
* In de betekenis van ‘strak trekken, vastmaken aan’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1091
Uitdrukkingen
- de kroon spannen
- het paard achter de wagen spannen
Vertalingen
Engelsspan
Duitsspannen
Spaansatirantar
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek