speelstad

mannelijk/vrouwelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een stad waarin men een bepaalde wedstrijd van een toernooi speelt
    Het scheelde niet veel, maar de Zuid-Koreaanse topvoetballer Son Heung-min kan de dienstplicht nog steeds ontlopen. De aanvaller van Tottenham Hotspur bezorgde zijn land op de Aziatische Spelen een zwaarbevochten zege op Kyrgizië: 1-0. Son schoot na een uur spelen op fraaie wijze de enige treffer binnen in de Indonesische speelstad Soreang. Tubantia 21-08-18 [https://www.tubantia.nl/buitenlands-voetbal/son-heung-min-kan-koreaanse-dienstplicht-nog-ontlopen~aea08dc4/ Son Heung-min kan Koreaanse dienstplicht nog ontlopen]
    Nederland treft in de groepsfase Japan, Argentinië, Duitsland, Mexico en Kameroen. Duitsland is op 29 september de eerste tegenstander in speelstad Yokohama. De duels om de medailles - brons dan wel goud - zijn op 20 oktober. Tubantia 20-09-18 [https://www.tubantia.nl/andere-sporten/volleybalsters-willen-nu-mondiaal-scoren~a51fa040/ Volleybalsters willen nu mondiaal scoren]
  2. een grote overdekte speeltuin waar kinderen kunnen spelen