spietsen

/ˈspitsə(n)/

Betekenis

werkwoord
  1. ov (ov) doorboren met een spies of ander puntig voorwerp
  2. ov (ov) ter dood brengen door doorboring met een spiets
    Vlad Dracula spietste een groot aantal van zijn tegenstanders.

Vertalingen

Engelsimpale
Fransempaler
Duitsaufspießen
Spaansatravesar