spitsmuis
mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈspɪtsmœys/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (insecteneters) klein muisachtig diertje met spitse snuit en korte poten, behorend tot de familie
Etymologie
*, leenvertaling van "Spitzmaus", in de betekenis van ‘insectenetend zoogdier’ aangetroffen vanaf 1599
Vertalingen
Engelsshrew
Fransmusaraigne
DuitsSpitzmaus
Spaansmusaraña
Portugeesmusaranko
Poolsryjówkowate
Deensspidsmus
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek