stakkerd
mannelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- sneu, zielig persoon met veel problemen die medelijden opwektDit jaar heeft ook Amsterdam zijn eigen gietijzeren frame voor de raadsverkiezingen: de Werdegang van de lokale PvdA-leider Pieter Hilhorst. Krap anderhalf jaar geleden ingehaald als de ideale lijsttrekker. Nu een stakkerd die niets meer goed kan doen. Die wordt uitgelachen als hij in het openbaar om het even welk getal noemt – als wethouder financiën was hij verantwoordelijk voor een miljoenenblunder van de Belastingdienst. NRC Bas Blokker 14 maart 2014 [https://www.nrc.nl/nieuws/2014/03/14/de-kippendrift-van-de-campagne-1355430-a42657 De kippendrift van de campagne]In verband daarmee is het interessant de reputatie van transmensen te bestuderen. Uit het aanzwellen en afnemen van de sympathie valt te leren hoe het andere minderheidsgroeperingen kan vergaan. Eerst ben je een groepje zielige stakkerds dat een schoteltje melk nodig heeft, en voor je het weet ben je een gevaarlijke sekte die het comfort van anderen bedreigt. NRC Maxim Februari 8 augustus 2016 [https://www.nrc.nl/nieuws/2016/08/08/genderneutrale-wc-we-steigeren-bij-de-gedachte-3591467-a1515369 Genderneutrale wc? We steigeren bij de gedachte]
Etymologie
* uit het Noors
Vertalingen
Engelspoor wretch, poor fellow
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek