surplace

mannelijk/vrouwelijk (de)/syrˈplɑs/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. wielrennen (wielrennen) op de fiets balancerend stilstaan (tactiek bij het baanwielrennen om niet voorop te hoeven rijden, waarna je een tegenstander eenvoudiger met een versnelling kan verrassen)
  2. figuurlijk (figuurlijk) toestand waarin ontwikkelingen uitblijven doordat betrokkenen afwachten wat de ander gaat doen

Etymologie

*van "surplace"