uitgaat

Wat is de betekenis van uitgaat?

uitgaat betekent: tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van uitgaan

Betekenis

werkwoord
  1. tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van uitgaan
  2. woorden met boekreferenties derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van uitgaan

Voorbeelden van "uitgaat" in een zin

  • ... dat jij uitgaat.
  • ... dat hij uitgaat.
  • Het concept tabula rasa, dat ervan uitgaat dat de mens als een onbeschreven blad wordt geboren en verantwoordelijk is voor zijn eigen geluk en verlies fascineert me.

Betekenis en uitleg van uitgaat

Het woord 'uitgaat' verwijst naar het moment waarop iemand zijn of haar huis verlaat om ergens anders naartoe te gaan, vaak voor sociale activiteiten. Dit kan variëren van een avondje uit met vrienden tot een bezoek aan een evenement.

Je gebruikt 'uitgaat' in situaties waarin je spreekt over sociale activiteiten of evenementen buiten de deur. Het woord heeft een informele toon en wordt vaak gebruikt in gesprekken over vrijetijdsbestedingen. Een 'uitgang' kan ook duiden op een overgang van een rustige omgeving naar een levendige setting.

Voorbeelden

  • Zij gaat vanavond uit met haar vrienden om te genieten van een concert.
  • Na een lange week werken, is het fijn dat hij eindelijk weer eens uitgaat.
  • Als het mooi weer is, gaat het gezin vaak uit naar het park voor een picknick.

Woordoorsprong

Het woord 'uitgaat' komt van het werkwoord 'uitgaan', dat is opgebouwd uit het voorvoegsel 'uit-' en het werkwoord 'gaan'.

Veelgestelde vragen over uitgaat

Wat is de betekenis van uitgaat?

uitgaat betekent: tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van uitgaan

Hoeveel betekenissen heeft uitgaat?

uitgaat heeft 2 verschillende betekenissen in het Nederlands. Zie hierboven voor alle definities.

Hoe gebruik je uitgaat in een zin?

Voorbeeld: “... dat jij uitgaat.