uitpraatte

Wat is de betekenis van uitpraatte?

uitpraatte betekent: enkelvoud verleden tijd van uitpraten

Betekenis

werkwoord
  1. enkelvoud verleden tijd van uitpraten

Voorbeelden van "uitpraatte" in een zin

  • ... dat ik uitpraatte.
  • ... dat jij uitpraatte.

Veelgestelde vragen over uitpraatte

Wat is de betekenis van uitpraatte?

uitpraatte betekent: enkelvoud verleden tijd van uitpraten

Hoe gebruik je uitpraatte in een zin?

Voorbeeld: “... dat ik uitpraatte.