uitput
Wat is de betekenis van uitput?
uitput betekent: eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van uitputten
Betekenis
werkwoord
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van uitputten
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van uitputten
- derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van uitputten
Voorbeelden van "uitput" in een zin
- ... dat ik uitput.
- ... dat jij uitput.
- ... dat hij uitput.
Veelgestelde vragen over uitput
Wat is de betekenis van uitput?
uitput betekent: eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van uitputten
Hoeveel betekenissen heeft uitput?
uitput heeft 3 verschillende betekenissen in het Nederlands. Zie hierboven voor alle definities.
Hoe gebruik je uitput in een zin?
Voorbeeld: “... dat ik uitput.”
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek